Raadhuisplein afl. 4

Visie vanuit Duurzaam Veilig

De SWOV is van mening dat in principe de Duurzaam-Veilig-visie moet worden gevolgd. Hierbij wordt onderscheid gemaakt tussen 30 km/u- en 50 km/u-wegen:

• Op 30 km/u-wegen binnen de bebouwde kom hoeven in principe géén zebrapaden te worden aangelegd. Dergelijke wegen zouden door de lage snelheden die daar gelden veilig genoeg moeten zijn voor voetgangers, zodat zij overal kunnen oversteken. Bovendien worden automobilisten er met behulp van borden op gewezen dat ze overal overstekende voetgangers of spelende kinderen kunnen verwachten.

• Op 50 km/u-wegen binnen de bebouwde kom zijn bedoeld om een vlotte en veilige doorstroming tussen wijken in een stad mogelijk te maken. Zebrapaden geven aan waar de weg overgestoken mag worden zodat op de andere delen van het wegvak doorgereden kan worden. Op deze 50 km/u-wegen moeten voetgangersoversteekplaatsen op kruispunten worden geregeld volgens de regeling van het kruispunt: òf met verkeerslichten òf met alleen zebra’s (bij rotondes en bij voorrangskruispunten). Op wegvakken moeten volgens het Infopunt Duurzaam Veilig de oversteekplaatsen worden ingerichtmet een plateau en een duidelijk verlicht bord (L02) erboven. Het weglaten van zebrapaden op deze wegen zou tot onverwachte situaties kunnen leiden. Het is de vraag of de verkeersveiligheid daarmee verbetert.

Welke eisen stelt Duurzaam Veilig aan oversteekvoorzieningen?

Inmiddels zijn voorlopige uitvoeringseisen opgesteld waaraan een duurzaam veilige voetgangers-oversteekplaats (DV-VOP) in een wegvak moet voldoen (CROW, 2000). Voor fietsers zijn dergelijke gedetailleerde eisen er nog niet. Voor (definitievere) uitvoeringseisen is meer onderzoek nodig naar wat een oversteekvoorziening precies veilig en voor iedereen begrijpelijk maakt.
De voorlopige eisen voor de DV-VOP zijn:
− een snelheidsremmende werking met een horizontale snelheidsremmer, zoals een versmalling, of met een verticale snelheidsremmer, zoals een drempel of een plateau;
− zebramarkering (de strepen) evenwijdig aan de rijbaan;
− zebramarkering doorgetrokken over parallelle fietspaden;
− een verkeersbord ‘voetgangersoversteekplaats’ (L2) voor de zebra;
− een verlicht bord L2 boven de zebra, op een portaal;
− een goede verlichting in een afwijkende kleur;
− ribbeltegels op de voetgangersroute naar de zebra;
− noppentegels aan het begin en einde van de zebra, en afritjes als de zebra niet op een plateau ligt;
− een minimale breedte van de zebra van 4 meter;
− een zo kort mogelijke oversteeklengte, mogelijk met middengeleider.

Een DV-VOP behoort alleen aangelegd te worden op een gebiedsontsluitingsweg in de bebouwde kom met een maximumsnelheid van 50 km/uur en 2×1 rijstroken (in Duurzaam Veilig komt 1×2 rijstroken in beginsel niet voor). De meest kenmerkende van deze eisen is de snelheidsremmer; een motorvoertuig zou een DV-VOP met hooguit 30 km/uur mogen naderen.

Morgenavond meer in de commissie Raadszaken!

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s